nl.news

Synodaliteit is geïnspireerd door het protestantse model – kardinaal Brandmüller

Kardinaal Walter Brandmüller, 97 jaar, schrijft in een tekst die op 8 september door Sandro Magister is gepubliceerd, over „synodaliteit“. Belangrijkste punten:

- Volgens de klassieke katholieke opvatting is een synode een bijeenkomst van bisschoppen met als doel gezamenlijk hun leer- en pastorale bediening uit te oefenen.

- In 1965 richtte Paulus VI de zogenaamde Bisschoppensynode op als een adviesorgaan van de paus.

- Recent opgerichte organen waarvan de leden, naast bisschoppen, ook priesters en gelovige leken van beide geslachten omvatten, kunnen niet terecht synodes worden genoemd.

- Bekwame leken kunnen uiteraard een adviserende rol toevertrouwd krijgen. Maar waar een dergelijke samenwerking ook plaatsvindt, dient men zorgvuldig elk misleidend gebruik van de termen „synode“, „synodaliteit“ en dergelijke te vermijden en in plaats daarvan een term te vinden die de feitelijke situatie adequaat weergeeft.

- De oprichting van dergelijke organen vloeit voort uit een streven om seculiere structuren en democratische procedures in het leven van de Kerk over te nemen.

- Wat binnen de katholieke kringen wordt voorgesteld, is een soort synode die is geïnspireerd op het protestantse model, waarvan de leden democratisch worden gekozen uit predikanten en mannen en vrouwen met uiteenlopende beroepsachtergronden en culturele contexten, die allen een gelijke stem hebben.

- Luther zelf formuleerde deze ideeën in zijn polemische geschriften uit 1520. Door categorisch te ontkennen dat Jezus Christus het sacrament van de priesterwijding had ingesteld, stelde hij dat de doop alleen voldoende is om een man of vrouw tot priester, bisschop en paus te maken.

- Het is duidelijk dat een dergelijk concept van synodaliteit onverenigbaar is met de katholieke ecclesiologie.

AI-vertaling
137
Jan Joseph

Eindelijk een kardinaal met een gezond verstand.